Bloedmaan viering
Zaterdag 2 november hebben we het 1 jarig jubileum gevierd van het Germaans genootschap. Ook was het nieuwe maan toevallig. Nieuwe maan is de fase na donkere maan. Tijdens Donkere maan is de maan niet zichtbaar, daarna wordt de maan langzamerhand zichtbaarder. Volgens de oude maankalender begon dan een nieuwe maand. Het woord maand is afgeleid van maan. Toen de Juliaanse en Gregoriaanse kalender kwam is onze kalender gebasseerd op de zon-cyclus i.p.v. De maan-cyclus. De christenen vierden van wat nu 1 november is allerheiligen, en op 2 november allerzielen. Dit is een gekerstendigde vorm van het Keltische samhain waar ze de gestorven eerden. En de Kelten vierden samhain rond nieuwe maan. ( De tweede nieuwe maan na de herfst equinox). Omdat ze nog geen Romeinse kalender hadden was dit per jaar verschillend. Maar vaak viel deze eind oktober begin november vanuit onze huidige kalender bekeken. Voor de Kelten begon dan het nieuwe jaar en werden de voorouders herdacht. De Germanen deden dat na de 13 rooknachten na midwinter. Voor hun begon dan ook het nieuwe jaar.
De Germanen eerden rond deze tijd hun vrouwelijke lotsgeesten. De ( Disir) in Scandinavië genoemd. “Holden” genoemd hier in de lage landen. Dit werd dan dissenblöt genoemd in Scandinavië. Ze vroegen dan om goede voorspoed voor de winter. De winter was een periode van schaarste en je was afhankelijk van elkaar. Vee werd naar de stallen gebracht en vee wat de winter niet zal overleven werd geslacht. Dit om de gemeenschap te voorzien van een vlees voorraad voor de winter. Hierin de laaglanden, (Duitsland en deel van Nederland) werd dit Bluot manöd genoemd. ( oud Germaans voor bloed maan). De maand waar het vee werd geslacht wat de winter niet zal overleven.


Dit ging vooraf aan een ceremonie. Vaak een þing ( Vergadering en Germaanse rechtszitting). Zaken die niet langer konden wachten voor de koude winter werden nu uitgesproken om de vrede te bewaren. ( Je was inmiddels afhankelijk van elkaar.) Een Germaanse þing werd vaak afgebakend met een omheining. Deze bestond uit hazelaarstakken of stenen, ook kuilen worden genoemd. In dit geval hadden we ons kunnen afzonderen bij een krans van stenen. (Waarschijnlijk zijn op deze plek ook offergeschenken gevonden dat ze deze stenen hier hebben neergelegd).

Vooraf aan het þing is er mede en vleesjus geofferd en zijn de gekerstenigde goden ( Wodan, Donar, Saxnot, godinnen van het þing die in twente aanbeden zijn: De “Alaisiagae” en holden gevraagd om het þing bij te staan. Rechtspraak en spiritualiteit waren in de Germaanse tijd nog niet van elkaar gescheiden.
Het aanroepen der goden om het lot bij te staan tijdens een zitting werd in het Oud Sakisch “Regino ” genoemd. En betekend beschikking, lot of vordering van de goden. Het waren de goden en holden die meebeslisten tijdens het þing. In de latere middeleeuwen toen er nog steeds dingspelen werden gehouden hete een zitting ook een ” lotting.”

In een historische tekst van de “Vita willehadi” staat in dat de missionaris die Drenthe wilde kerstendigen gevangen werd gehouden maar de ” Goden en het lot die over hem is geworpen,” in zijn voordeel spraken. Hij is daarom weer vrijgelaten.
Het lot werd geworpen door de entiteiten aan te roepen en rune’s werden geworpen tijdens de aanvang van het þing. De tekenen werden dan gelezen en geduid. Ook dit hebben de voorzitter en ik gedaan. De tekens heb ik als volg geduid: Rijkdom aan passie en inspiratie wat getransformeerd mag worden. Met de runen Fehu( Wat staat voor, fee, nu vertaald naar geld handel). Kenaz ( Vuur, fakkel, kennis, inspiratie passie.) Eihwaz ( transformatie).

We hebben inderdaad tijdens het þing onvrede uitgesproken die niet langer meer tot zich kon wachten. We hebben gewandeld tot zonsondergang en daarna een heerlijke gezamenlijke diner gehad als afsluiting.



Over de plek
Tijdens een opgraving in 2019 zijn hier zogenoemde sceatta’s gevonden, (dat zijn offer munten.) En offerpalen. De munten komen uit de 8ste eeuw. Dit is een periode dat de bewoners van Theante ( Toenmalig Twente) Ongeveer werden gekerstendigd. Ter na gedachtenis is hier het beeld van Wodan geplaatst. Uit “De Utrechtse doopgelofte” is gebleken welke goden men moest afzweren om te worden bekeerd tot het Christendom.
Dat waren de goden: Wodan, Donar, Saxnot en de lotsgeesten de “un holdum ” On-geesten .




zouden metgezellinnen zijn van Mars Thingsus ( Tiwaz). Ik kwam deze godinnen tegen in het stuk ” Bij klimmerder zonne ” Toneelstuk uit 1895 gespeeld in de Balloerkuil. Ben meteen gaan Googlen kwam ik dit tegen:
DEO MARTI THINGSO ET DUABUS ALAISIAGIS BEDE ET FIMMILENE ET N(UMINI) AUG(USTI) GERM(ANI) CIVES TUIHANTI V(OTUM) S(OLVERUNT) L(IBENTES) M(ERITO),” oftewel “Aan de god Mars Thingsus en de twee Alaisiagae, Beda en Fimmilena, en aan de goddelijkheid van de keizer, hebben de Germaanse burgers van de Tuihanti( Twente) hun belofte ingelost, gaarne en met reden.” De inscriptie werd ergens tussen de jaren 122 en 300 gemaakt.[1]
Er is een tweede inscriptie gevonden en ook een derde.
Een derde inscriptie, in 1883 gevonden op een votiefsteen, noemt wel twee Alaisiagae, maar geeft geen namen: “DEO MARTI ET DUABUS ALAISIAGIS ET N(UMINI) AUG(USTI) GER(MANI) CIVES TUIHANTI CUNEI FRISIORUM VER(COVICIANORUM) SE(VE)R(IANI) ALEXANDRIANI VOTUM SOLVERUNT LIBENT[ES] M(ERITO),” in het Nederlands: “Aan de god Mars en de twee Alaisiagae, en aan de goddelijkheid van de keizer, hebben de Germaanse burgers van de Tuihanti van de Friese cuneus van Vercovicium, van Severus Alexander, hun gelofte ingelost, gaarne en met reden.” Deze inscriptie wordt gedateerd op 222-235.[3]
Uit meerdere inscripties is het dus duidelijk dat deze godinnen in Twente werden vereerd.


